Jarenlange ervaring en betrokkenheid: het aardbevingsgebied

Paul Busing (66) is de oudste werknemer bij KPMS en nog erg jong van geest. Niet alleen zijn enorme ervaring, maar zeker ook zijn enthousiasme zorgt voor een sterke wederzijdse klik. Paul heeft er al een heel leven hard werken op zitten, maar voelt zich desondanks gedreven om betrokken te blijven. Als constructief ingenieur zet Paul zich namens KPMS in bij bouwkundige inspecties van woningen binnen het aardbevingsgebied in Groningen.

Iets anders dan beton en staal

Paul is van huis een bedreven constructeur en ingenieur en ging in die hoedanigheid al jaren mee met menig inspectie. Tot het moment dat hij het beton en staal wel gezien had en iets anders wilde gaan doen: “Een paar jaar geleden kreeg ik het idee om wat in aardbevingsgebied te gaan betekenen. Het leek mij heel leuk om daarmee mijn carrière af te sluiten.” KPMS kwam daarbij direct op in de gedachten van Paul. Hij kende het bedrijf nog van eerder en het leek hem de ideale plek om deze werkzaamheden voort te zetten. KPMS was Paul en zijn kunde ook nog niet vergeten en zodoende kwam de vraag van beide kanten mooi samen. Volgens Paul snijdt het mes dan ook aan twee kanten wanneer je het hebt over toegevoegde waarden: “KPMS heeft met mij de beschikking over een hele ervaren constructeur en ik heb hier een hele leuke baan.” Daarnaast is hij ook zeer te spreken over het gebied zelf en de goede ontvangst. “Er komt heel veel kijken bij het inspecteren in dit gebied. Deze organisatie is altijd perfect geregeld vanuit KPMS.” 

Leven en werken is één

Waarom is Paul nog steeds zo gedreven om dit vak uit te oefenen? “Mijn vak is meer mijn hobby, je kunt gerust zeggen dat ik eraan verslaafd ben.”, aldus Paul. “En op dit gebied is er niet een instantie om ‘even af te kicken’” Dus besloot hij om wel wat dagen minder te werken, zodat hij iets meer rust krijgt. Maar: “Stoppen is geen optie.” Paul vindt dan ook dat hij niet kan zeggen dat hij werkt om te leven óf leeft om te werken. Werk en leven is voor hem namelijk één. Paul: “Al vanaf mijn schoolperiode dacht ik niets anders dan, ‘ik ga doen wat ik leuk vind.’ Wat dat betreft ben ik super terecht gekomen.” Zijn omgeving denkt verschillend over de onuitputtelijke gedrevenheid om te (blijven) werken en volgens Paul is dat juist goed: “de een wil graag eerder stoppen met werken en de ander gaat liever lang door. Ik vind dat daar meer persoonlijke ruimte voor moet zijn, niet zo van: ‘u bent 65 jaar, tot ziens!’” Iets wat Paul bij KPMS gelukkig nog nooit is tegenkomen.